Adèle Bloemendaal – We zijn toch op de wereld om mekaar te helpen, niewaar?

wegens ziekte even afwezig

Dit weekend is “Adèle Bloemendaal” de gouden terugblik in de Bankshow, ze werd geboren als Adèle Maria Hameetman op 11 januari 1933 in Amsterdam.
De naam Bloemendaal komt van haar eerste man en na de scheiding in 1957 bleef ze de naam gebruiken.
Ze is zowel actrice, cabaretière als zangeres en ze bracht haar jeugdjaren door in de Amsterdamse Jordaan.
Na de middelbare school werkte ze als secretaresse en daarna wilde ze modeontwerpster te worden.
Haar carrière begon in 1946 toen ze in het amateurcabaret “De Kijkdoos” speelde van “Leen Jongewaard”.
Begin jaren vijftig werden ze beiden ontdekt door de directie van toneelgroep “Puck” van “Egbert van Paridon”.
In 1953 maakten beiden daar hun debuut als beroepsacteurs.
Ze is hertrouwd met “Donald Jones” met wie ze in 1963 een kind krijgt, hun zoon “John”, die later in haar voetsporen trad.
Muzikaal laat ze ook van zich horen, want in 1967 komt haar eerste solo-LP uit: “Aaahdèle” en een tweede album in 1968.
In datzelfde jaar stond ze samen met “Frans Halsema” en “Gerard Cox” op de planken “Met blijdschap geven wij kennis”.
Dat leidde tot een eigen televisieshow in 1969: “De Adèle Bloemendaal show”.
Vanaf dan is ze evengoed in andere programma’s en speelfilms te zien.
Zo speelde ze zowel in “Elli Assers” series van “T Schaep Met De 5 Pooten” en “Citroentje met suiker”, in “Annie M.G Schmidts” “Beppie” en in “Dat ik dit nog mag meemaken” van het “schrijverscollectief”.
Tot begin jaren zeventig speelde ze in diverse toneel- en theaterproducties.
Daarnaast trad ze op bij zowel “Tingel Tangel Cabaret” als bij “Lurelei”.
Ze scoorde in die jaren regelmatig carnavalshits, geschreven door onder andere “Drs. P” en “Herman Pieter de Boer”.
Haar bekendheid als serieus kleinkunstenares had hier wel eens onder te lijden.
In de jaren ’80 maakt ze enkele grote shows in het theater die dit beeld weer bijstelden.
De rol van “Hans Dorrestijn” die haar tekstschrijver werd wordt in de jaren tachtig zeer prominent.
Dit leidt in 1997 tot “Samen solo”, waarbij ze allebei een helft van de voorstelling apart op het podium staan.
Programmamaker “Jacques Klöters” die ook in de jaren tachtig veel met haar samenwerkte noemde haar ooit een sterke, gevaarlijke vrouw een alleskunner, een vrouw die wist waarmee ze bezig was en die veel heeft bereikt in haar leven.
Ze had een prachtig mooie stem, zingen en toneelspelen kon ze als de beste.
Dat is haar hele leven goed van pas gekomen.
Veel vrouwen zagen in haar een krachtige persoonlijkheid als voorbeeld.
Ze stapte in haar wilde leven twee keer in het huwelijksbootje.
Haar huwelijken hielden geen stand, na de scheiding voedde ze John grotendeels alleen op, het was geen makkelijk leven als alleenstaande moeder.
Ze hield ook niet echt van haar vak, maar ze moest wel werken om geld te verdienen.
Ze hield vooral van programma’s maken en niet van op de bühne staan.
Het liefste was ze ook gestopt, maar ze was één van de beste en dat maakte het heel zwaar.
Klöters werkte jarenlang samen met deze sterke vrouw, zo schreef hij de teksten voor haar shows.
Als ik iets voor haar schreef, dan hoorde ik haar stem in mijn gedachten.
Ik wist hoe ze het uitsprak met haar aparte stemgeluid, wat vaak werd geïmiteerd.
Eigenlijk heeft ze veel geluk gehad dat ze met de juiste mensen samenwerkte, zoals Journalist “Jaap van de Merve”, tekstschrijver Eli Asser en dichter/schrijver “Jan Boerstoel”.
Ook was ze haar tijd ver vooruit, ze was niet alleen sterk, maar straalde ook iets ondeugends uit.
Ze toonde zich zeer openlijk en had een erotische uitstraling, zo van:‘die man lust ik wel’ en dat was in de jaren vijftig en zestig vrij uitzonderlijk.
En als cabaretière, actrice en zangeres won tijdens haar loopbaan twee
prijzen.
In 1969 kreeg ze een Edison voor haar lied “Laat mij nu maar begaan”.
De Gouden Harp ontving ze in 1976 omdat ze zich op bijzondere wijze verdienstelijk maakte voor de Nederlandse lichte muziek.
Veel waarde hechtte ze echter niet aan deze awards.
Ze hield er niet zo van om geprezen te worden en in de publiciteit te
staan.
Normaal gaf ze alleen interviews als er kaarten voor een voorstelling verkocht moesten worden.
Daar zag ze het voordeel van in, want er moest geld in het laatje komen.
De laatste jaren van haar leven leidde ze een rustig bestaan, ze was grootmoeder en woonde zelfstandig in Amsterdam, maar kwam nog maar weinig in de openbaarheid.
Ze leefde teruggetrokken en zat het liefst in haar eigen woning boeken te lezen.
Eind jaren negentig werd Bloemendaal getroffen door twee lichte herseninfarcten.
Dat betekende voor haar het afscheid van haar carrière.
Het besef kwam dat het voorbij was, maar 2006 trad ze nog eenmalig op in Carré.
Ze overleed in een Amsterdams verzorgingshuis op 21 januari 2017 ze werd 84 jaar.
Maar dit weekend is ze toch nog een keer de Gouden terugblik in de Bankshow.

18 thoughts on “Adèle Bloemendaal – We zijn toch op de wereld om mekaar te helpen, niewaar?

  1. Villasappho

    Die mensen die nog één keer op moeten komen treden terwijl ze het zelf niet meer kunnen. Best sneu, volgens zit ze ook nog een rolletje in de nieuwe versie van het schaep.

    Reageren
    1. mizzD

      Volgens mij was er niet veel sneus aan Adèle Bloemendaal.. ze wist precies wat ze wilde.. en dat was vooral een beetje leuk geld verdienen. Grátis zou ze echt niet optreden, het was haar werk en dat moest betaald worden.

      Reageren
  2. Renesmurf

    Ik heb nog de documentaire over haar leven gezien. Adele was altijd bang om te sterven onderweg naar Winschoten, daarom kreeg ze hier op het podium als dank een keer een rouwkrans.

    Reageren
  3. Marlou

    Hoi Hans,

    allereerst: beterschap!
    Ik hoop dat je gauw weer opknapt.

    Ik was altijd gek op Adele… Zo een leukerd, en zingen… my oh my!
    Heb samen met een koorvriendin op de Bonte Avond een keer
    “Ik hou zo van een Amsterdamse kroeg…” gezongen.
    Dat zingt ze samen met Jenny Arean. Echt een gaaf lied!

    Groetjes van Marlou

    .

    Reageren
  4. mizzD

    Ik imiteer die lach van haar, die ze vooral goed liet horen in de Bros-reclame ( waarbij ze in een bubbelbad zat), nog weleens hahahaaaa! Zo’n leuk wijf.. echt weer iemand waarmee je bent opgegroeid hè.. maar al die mensen uit ‘t (eerste) Schaep zijn al overleden volgens mij. Leen Jongewaard, Piet Römer, Ronnie Bierman.. en Adèle dus ook. Wij hadden vroeger thuis de lp met al die liedjes uit ‘t Schaep.. en die werd vaak gedraaid.. dus die teksten ken ik allemaal wel uit m’n hoofd.
    ‘Vrijjheid, vriendschap, broederschap.. het zijn geen loze kreten
    We leven echt niet voor de grap.. dat mag je nooit vergeten
    Ennn.. we benne op de wereld om mekaar om mekaar om mekaar om mekaar
    te helpen nietwaar.. jaaaaaaa!’ (enzovoorts haha)

    Reageren
    1. mizzD

      Ooh.. zeg ik dat ik de woorden uit m’n hoofd ken, en dan schrijf ik vriendschap ipv liefde hahahaa!
      Geeft niet.. vriendschap is ook belangrijk vind ik! 🙂

      Wat lees ik nu..? ziek?? ik hoop niet te ernstig Hans! Beterschap!

      Reageren

Laat een reactie achter op Sjoerd Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *