Jan De Wilde – Na Nieuwjaar.

Als je in België bent opgegroeid zul ooit wel eens een liedje van “Jan de Wilde” op de radio
hebben gehoord en anders wel in de Bankshow.
Dit eerste weekend van het nieuwe jaar is hij de Gouden terugblik in de Bankshow.
Hij is als Jan Marie Albert De Wilde geboren te Aalst op 1 januari 1944 en is een Vlaams zanger, gitarist en kleinkunstmuzikant, die al heel lang meedraait, en die Soms nog met een nieuw lied komt, net wanneer hem dat uitkomt.
Zijn vader overlijdt als hij net 9 jaar is.
De jonge De Wilde studeert Latijn en wiskunde in het Sint-Maarteninstituut, een college met een knapenkoor waarin hij zingt van z’n vijfde tot z’n veertiende.
Tussen de Latijnse volzinnen en de wiskundige axioma’s dwaalt zijn geest steeds meer af naar zijn tekeningen, want hij krabbelt speelse schetsen, satirische cartoons of stekelige karikaturen van professoren en andere vreemde creaturen.
Ook de muziek blijft zijn interesse hebben, nadat hij de baard in de keel krijgt sticht hij met een aantal lotgenoten zijn eigen koortje.
Al snel leert hij ook muziekinstrumenten bespelen, zoals gitaar en piano en bedenkt hij zijn
eerste melodietjes en teksten.
Het is in de vroege jaren zestig als hij wordt geprikkeld door “Georges Brassens”,
Kor van der Goten” en “Jaap Fischer”.
Al in 1962 neemt hij de stap om op het podium op te treden met zijn eigen meester-werkjes.
Zijn bekendste liedjes zijn “Walter, Ballade van een Goudvis”, “Een Vrolijk Lentelied”, “Joke”,
Hè Hè”, “De Fanfare van Honger en Dorst” en “Eerste Sneeuw”.
Over het algemeen komt hij uit met prachtige liedjes, die aanslaan bij de luisteraars.
Eigenlijk zoals we al van hem gewoon zijn sinds de jaren zeventig.
Zijn teksten zijn dan ook stof tot enige controverse in het conservatieve Vlaanderen met regels als ”De Fallus Impudicus staat al in bloei” en “Joke, trek je witte jurkje uit”.
Hij antwoord hier op dat het hier om de humorvorm genaamd "sarcasme" betreft.
Hij werkte ook volop mee aan het debuut van zijn vriend “Kris de Bruyne” en lanceerde ook de carrière van de komiek “Urbanus” van wie hij in de jaren zeventig drie albums produceerde.
Tussen 1988-1992, leek hij plotseling uit zijn slaaptoestand te ontwaken en bracht twee cd’s in Vlaanderen uit, deze werden goed ontvangen door het publiek.
De Wilde plaatste op de cd "De Bende van Jan de Wilde" uit 1987 13 nummers onder andere, over “Anneke Weemaes”, een roversbende die hij wou oprichten (de Bende Van),
over “Communisten” en welke vieze mannen dat wel niet zijn, “de Westvlaamsche leeuw”,
Sint-Maarten”, wat die al voor hem heeft meegebracht, want in de buurt van Aalst brengt
Sint-Maarten net zoals Sinterklaas, cadeautjes voor de kinderen.
In 1990 produceerde hij de prachtige plaat genaamd ” Hè Hè” in Nederland.
De cd was een productie van “Henny Vrienten” en werd opgeluisterd door een aantal Nederlandse muzikanten, zoals “Boudewijn de Groot”, “Fay Lovsky” en “Jan Pijnenburg”, drummer van “Doe Maar”.
Op de cd staan nummers als ”Pik het en slik het”, ” Hè hè”, ”De eerste sneeuw” enz.
In zijn tournee die volgde werd hij begeleid door een klassiek orkest “Prima La Musica”.
In 2000 stond Jan de Wilde opnieuw in de schijnwerpers, hij had een plotseling bevlieging van activiteitsdrang en enkele dagen aan het begin van november leek het erop dat hij de media ging monopoliseren want hij verscheen zowat in elk Vlaamse programma.
De reden was dat hij na ruim tien jaar de release van zijn laatste en erg succesvolle plaat “Hè hè” er eindelijk opnieuw in was geslaagd een aantal nieuwe nummers op te nemen,
die EMI uitbracht onder de titel ”Oude Maan”.
De man die altijd opkwam voor zijn "recht op luiheid", koos hiervoor elf simpele songs, waarvan drie geschreven door anderen: ”Wij houden stand” van “Luc De Vos” van de rockgroep “Gorki”, "Pauvre Rutebeuf" was oorspronkelijk een frans chanson, maar werd vertaald door schrijver “Johan Daisne”.
Raymond van het Groenewoud” stond de zanger bij op twee nummers.
De plaat werd geproduceerd door “Jo Bogaert” van “Technotronic” omdat die op slechts enkele minuten van het huis van de zanger woonde.
Een tweede activiteit in tweeduizend was het boek met een selectie uit de teksten van zijn
gehele carrière.
Met een tekening van eigen hand op de cover werd het boek "Niks aan dan vel" getiteld
en uitgebracht bij uitgeverij Houtekiet.
Sinds enkele jaren woont hij in de Oost-Vlaamse gemeente Aaigem, die regelmatig onderwerp uitmaakt van zijn liedjesteksten.
Afgelopen jaar hield hij een theatertour wat negentien concerten bevatten, dit omdat hij dit jaar 75 jaar zou (is) geworden met de titel Hèhè! Wat een Jan!
Een uitspraak over zijn theatertour is van zijn hand: “Als je traag werkt kan je ‘t lang volhouden”.
Onderwerpen genoeg dus maar dit weekend hou ik het bij “Na Nieuwjaar” als de
Gouden terugblik in de Bankshow.
Want hij bezingt in dit nummer de eerste dag van het nieuwe jaar, ‘t is nu mooi geweest, het feesten is gedaan en er heeft niemand heeft gekotst.
We vegen scherven aan en op alle plaatsen zwijgt de kerstmuziek.
We gaan weer over op de orde van de dag en vergeten gemakshalve onze goede voornemens.

14 thoughts on “Jan De Wilde – Na Nieuwjaar.

  1. mizzD

    Ah ja.. die fallus impudicus hè.. toen ik bij een Belgische blogprovider begon te bloggen en de eerste paddenstoelenfoto’s postte, kwam die geregeld ter sprake.. sindsdien ken ik Jan de Wilde wel! 🙂

    Reageren
  2. John

    Ik had werkelijk nog nooit van hem gehoord, en ook niets van hem gelezen. Dat hij opkomt voor zijn recht op luiheid is zijn goed recht. Af en toe lekker lui zijn is ook gewoon heerlijk. Ik vind dit liedje wel iets hebben, muzikaal gezien.

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

(Spamcheck Enabled)